Limmen
Bewoners van Limmen zijn brandgans, grauwe gans, kolgans, smient, kievit, goudplevier, wulp, bruine kiekendief, buizerd, torenvalk, huismus, heggenmus, merel, pimpelmees, roodborst, egel, libellen, juffers, lantaarntje, houtpantserjuffer, azuurwaterjuffer en gewone poelslak.
Limmen is een typisch lint- en polderdorp met graslanden, sloten, erven en dorpsbebouwing. In het gebied komen veel weide- en watervogels Dit laat zien dat Limmen een belangrijk rust- en voedselgebied is voor overwinterende en trekkende vogels.
Vogels
Weide- en watervogels die men ziet in Limmen zijn brandgans, grauwe gans, kolgans, smient, kievit, goudplevier en wulp. Ook roofvogels zoals bruine kiekendief, buizerd en torenvalk profiteren van het open landschap. In de dorpslinten en op erven leven soorten die tuinen en hagen gebruiken, zoals huismus, heggenmus, merel, pimpelmees, roodborst en egel.
Waterdieren en -planten
Langs sloten en greppels komen veel libellen, juffers en waterplanten voor, zoals lantaarntje, houtpantserjuffer, azuurwaterjuffer en gewone poelslak.
Planten
De planten in Limmen zijn een mix van soorten uit bermen en cultuurgrond, zoals fluitenkruid, koninginnekruid en margriet. Deze bloemen bieden in het groeiseizoen veel voedsel voor insecten en verhogen de natuurwaarde van het dorp.
Ambassadeursoort: Margriet
De margriet is een inheemse plant van bloemrijke graslanden en bermen. De soort groeit vooral op plekken waar weinig wordt bemest en waar niet te vaak wordt gemaaid. De margriet is dus een goede indicator voor de kwaliteit van bermen en openbaar groen. Daarom is de Margriet gekozen als ambassadeursoort.
Bloemrijke graslanden trekken veel insecten aan, zoals bijen en vlinders. Door minder vaak te maaien en sommige plekken wat ruiger te laten, krijgt de margriet meer ruimte en wordt Limmen groener en levendiger.
Tips voor inwoners
Bloemen voor bijen
Zaai inheemse bloemen in de tuin of langs erfafscheidingen. Dit geeft extra voedsel aan bijen, vlinders en andere insecten. Zelfs kleine stroken helpen al.
Struiken om te schuilen
Plant struiken en hagen en laat een deel van de tuin wat ruiger, bijvoorbeeld met een kruidenhoekje. Dit biedt schuilplekken en voedsel voor soorten zoals merel, pimpelmees en egel. Ook een kleine takkenril helpt al.